Heilige Jozefmaria

Dagelijkse teksten

“Het volk van de kinderen van God”

Kinderen van God. Dragers van de enige vlam die de weg van de mensen op aarde kan verlichten; van het enige licht waarvoor schaduw, schemer of duisternis wijkt. De Heer gebruikt ons als fakkels om dat licht te laten schijnen... Het hangt van ons af of veel mensen niet langer in de duisternis blijven, maar de paden volgen die naar het eeuwig leven leiden. (De Smidse, 1)

Iesus Christus, Deus Homo, Jezus Christus, God-Mens, dat is een van de magnalia Dei (Hand. 2, 11), van de grote daden van God, die wij in dankbaarheid voor de Heer overwegen: voor de Heer die kwam om vrede op aarde te brengen aan de mensen van goede wil (Lc. 2, 14), aan alle mensen die hun wil gelijkvormig willen maken aan Gods Wil. Niet alleen aan de armen, niet alleen aan de rijken, maar aan alle mensen, aan alle broeders! Want wij zijn allen kinderen van God, broeders en zusters van Christus. Zijn Moeder is onze Moeder.

Er is maar één volk op aarde, het volk van de kinderen van God. Wij moeten allemaal dezelfde taal spreken die de Vader die in de hemel is ons leert, de taal van het tweegesprek van Jezus met zijn Vader, de taal die men met het hart en met het hoofd spreekt, de taal die u nu in uw gebed gebruikt. Het is de taal van contemplatieve mensen die een geestelijk leven leiden, omdat ze zich bewust geworden zijn van hun kindschap Gods, een taal die zich uit in de vele impulsen van de wil, de verlichting van het verstand, de roerselen van het hart en de beslissingen die leiden tot het rechtschapen leven, het goede, de vreugde en de vrede. (Als Christus nu langskomt, 13)